Op de vleugels van Icarus / hoe techniek en moraal met elkaar meebewegen door Peter-Paul Verbeek

"Wie alleen heel hard "neen" roept tegen een nieuwe technologie, draait aan een stuur dat nergens op aangesloten is." - Peter-Paul Verbeek.

 

Techniek plaatst ons voortdurend voor ethische dilemma's. Een recent ontwikkelde chip die de mannelijke vruchtbaarheid test, blijkt het ook mogelijk te maken om de spermacellen voor een meisje te scheiden van die voor een jongetje. Deze praktijk is nu nog verboden, maar wat gebeurt er als er straks een doe-het-zelf-apparaatje voor geslachtskeuze komt? En wat moeten we met Google Glass, de slimme internetbril die de gebruiker direct alle beschikbare informatie geeft over de mensen en dingen die hij ziet? Wat gaat dit betekenen voor menselijke relaties, voor de openbare ruimte?

 

Er bestaat geen onafhankelijk kader waarmee we dergelijke technologieën kunnen beoordelen, zegt Peter-Paul Verbeek in zijn boek "Op de vleugels van Icarus". De moraal beweegt mee met de techniek.

We vliegen hoe dan ook 'op de vleugels van Icarus' en het is verstandig te leren navigeren.

 

 

Peter-Paul Verbeek (1970) is hoogleraar Filosofie van Mens en Techniek en voorzitter van de Vakgroep Wijsbegeerte aan de Universiteit Twente. Hij is president van de Society for Philosophy and Technology en lid van de Raad voor Geesteswetenschappen. Tevens is hij redacteur van Tijdschrift voor Filosofie, en lid van de wetenschappelijke redactieraad van SATS. Journal for Northern Philosophy en Philosophy & Technology. Daarnaast is hij lid van de Raad van Toezicht van TNO, voorzitter van de Commissie Studium Generale Enschede, en vaste gespreksleider bij Science Cafe Enschede. Hij houdt regelmatig lezingen over de maatschappelijke rol van technologie en de relaties tussen mens en techniek, en neemt actief deel aan publieke discussies over wetenschap, technologie en samenleving.

Van 2010 tot en met 2012 bezette Verbeek de Socrates leerstoel aan de Technische Universiteit Delft. In het najaar 2006 was hij gasthoogleraar aan de Universiteit van Aarhus (Denemarken). In 2014 ontving hij een VICI premie om een theorie te ontwikkelen over de rol van technologie in kennis, moraal en metafysica; in 2008 een VIDI premie voor onderzoek naar de vervagende grens tussen mens en technologie; en in 2004 een VENI premie voor onderzoek naar de morele lading van technologie. In 2012 ontving hij de Prof. Borghgraef prijs voor biomedische ethiek. Verbeek is alumnus van De Jonge Akademie (voorzitter april 2011 – april 2013), en lid van de Koninklijke Hollandsche Maatschappij van Wetenschappen.

Het onderzoek van Peter-Paul Verbeek richt zich op de relaties tussen mens en technologie, in het bijzonder de ethische en antropologische aspecten daarvan. Hij publiceerde de boeken Op de vleugels van Icarus: hoe technologie en moraal met elkaar meebewegen (Lemniscaat 2014), Moralizing Technology: Understanding and Designing the Morality of Things (University of Chicago Press, 2011), De grens van de mens: over techniek, ethiek en de menselijke natuur (Lemniscaat 2011), What Things Do: Philosophical Reflections on Technology, Agency, and Design (Penn State University Press, 2005), en De daadkracht der dingen: over techniek, filosofie en vormgeving (Boom, 2000). Ook redigeerde hij met Peter Kroes The Moral Status of Technical Artefacts (Springer, 2014) en met Adriaan Slob User Behavior and Technology Design – Shaping Sustainable Relations between Consumers and Technologies (Springer, 2006).